Perugia dei miracoli: provincieclub Perugia eindigt ongeslagen seizoen zonder titel

Het seizoen 1978-1979 staat in gouden letters neergeschreven in de geschiedenis van het calcio. Dat seizoen verbijsterde het nietige Perugia de voetbalwereld door een heel seizoen lang ongeslagen te blijven en toch niet met de titel aan de haal te gaan. Een reconstructie.
Perugia dei miracoli: provincieclub Perugia eindigt ongeslagen seizoen zonder titel

Associazione Calcistica Perugia Calcio wordt op 9 juni 1905 boven de doopvont gehouden. De universiteitsstad uit Umbrië speelt lange tijd tweede viool in het Italiaanse voetbal en lijkt voorbestemd om nooit potten te breken in de Serie A. In 1974 volgt echter het grote keerpunt. De club uit Umbrië morrelt maar wat aan in de laagste regionen van de Serie B, wanneer zakenman Franco D'Attoma beslist om de club een reddingsboei toe te werpen. De start van een nieuwe cyclus die I Grifoni naar ongekende hoogten zal stuwen.

De grote man achter sportmerk Ellesse kent naar eigen zeggen "niets van voetbal" en omringt zich dan maar met mensen die wel beslagen zijn in het wereldje, waaronder technisch directeur Silvano Ramaccioni en de jonge, beloftevolle coach Ilario Castagner. De 34-jarige ex-aanvaller kon als voetballer nooit potten breken, maar zou dat als hoofdcoach van Perugia ruimschoots goedmaken. Hij ent zijn voetbalstijl op het totaalvoetbal van het Ajax van Rinus Michels en begint gestaag zijn ploeg te kneden.

Ongeslagen seizoen 1978-1979

Ongeslagen seizoen 1978-1979

Een jaar nadat Castagner aan het roer komt te staan, promoveren de Rosso e Bianco voor het eerst in hun geschiedenis naar de Serie A. Met spelers als Renato Curri, Paolo Sollier en Pierluigi Frosio bouwt de club gestaag aan de weg naar de top. Met een achtste, zesde en zevende plaats in de eindrangschikking groeit Perugia uit tot een stabiele middenmotor, tot op 30 oktober 1977 het noodlot toeslaat. In een wedstrijd tegen het grote Juventus zakt Curi in het begin van de tweede helft in elkaar. Een hartstilstand kost de amper 24-jarige belofte het leven. Maar I Grifoni (De Grifoennen) zouden hun bijnaam alle eer aandoen en het jaar nadien strijden als echte leeuwen.

Met een experimentele 4-2-3-1 opstelling, die in de praktijk eigenlijk eerder een 1-3-2-3-1 blijkt, verrassen de Umbriërs van bij de start alle Italiaanse topploegen. Dankzij een ijzersterke defensie, onder aanvoering van libero Frosio, slikt de club dat seizoen amper 16 tegendoelpunten. Het is echter vooral vooraan dat het schoentje knelt, want de troepen van Castagner netten dat seizoen amper 34 rozen. Ondanks 19 gelijke spelen op 30 wedstrijden spelen ze tot op de allerlaatste speeldag mee om de Scudetto. De ongeslagen status levert de club de bijnaam Perugia dei miracoli op.

Blessurelast fnuikt titelkansen

Blessurelast fnuikt titelkansen

Twee wedstrijden tegen de twee topploegen uit Milaan zullen de club echter de das omdoen. In februari komt Inter op bezoek in Umbrië. De Nerazzurri lopen al snel uit tot een 0-2 voorsprong. Perugia doet haar status van ongeslagen team echter alle eer aan door terug te vechten en in de allerlaaste seconden de gelijkmaker te scoren, maar daarbij verliest het wel haar spelverdeler Franco Vannini. Een wedstrijd later valt ook libero Frosio uit. Een blessurelast die ervoor zal zorgen dat Perugia in een volgepakt Stadio Renato Curi enkele weken later niet verder geraakt dan een 1-1 gelijkspel tegen titelrivalen AC Milan. Met een beperkt budget en een krappe kern kunnen I Grifoni namelijk geen enkele sleutelpion missen, laat staan twee.

De Rosso e Bianco eindigen hun ongeslagen seizoen uiteindelijk op een ondankbare tweede plaats, wat hen meteen de allereerste Italiaanse club maakt die een volledig seizoen afwerkt zonder een nederlaag te incasseren. Een heuse stunt die later enkel en alleen zal worden overgedaan door AC Milan in 1991-1992, met onder meer Marco Van Basten, en Juventus in 2011-2012, met sterspelers als Alessandro Del Piero en Andrea Pirlo. Die kapen echter wel telkens de titel weg. Het sprookje van Perugia, dat zich momenteel in de middenmoot in de Serie B ophoudt, staat samen met de titel van Leicester City in 2016 symbool als het ultieme bewijs dat in voetbal alles mogelijk is, zo lang je er maar in gelooft. Of zoals Albert Einstein placht te zeggen: "Enkele degenen die het absurde nastreven, kunnen het onmogelijke bereiken."

Top
t